1998 HAPERT

Evelien Basten nationaal wegkampioene in Vijlen

 

De beste drie in de nationale titelstrijd 1998 van de junior-dames in Vijlen. Van links naar rechts Afke Sijm (Wognum), kampioene

Evelien Basten (Hapert) met rondeboy, en Sharon van Essen (Veenendaal)

 

(Tekst: Piet Gijsbers, foto: Theo van Sambeek)

 

Zondagmiddag 19 juli 1998 klonk in het Zuid-Limburgse Vijlen het Wilhelmus voor Evelien Basten. De in mei pas 17 jaar geworden Hapertse wielrenster was de beste van het land op het selectieve

parcours waar in drie wedstrijdcategorieën om de rood-wit-blauwe kampioenstricots werd gestreden. Zeven-en-een-halve ronde moesten de junior-dames afleggen en elke ronde opnieuw speelde de Vijlenerberg voor scherprechter. Na 60 kilometer koers wees Hapertse Evelien haar zeven overgebleven concurrentes in de eindsprint bergop gedecideerd terug. De een half jaar geleden begonnen revalidatie na een zware val kreeg met de behaalde kampioenstitel een bijzonder succesvolle afronding.

Met de gouden medaille en het kampioenstricot kan Evelien Basten nog maar amper bevatten wat voor prachtprestatie zij daar in het Limburgse heuvelland leverde. Het is ook niet niks als je bedenkt dat de renster uit  Hapert nog maar negen maanden geleden de keerzijde van de medaille

meemaakte. Op de laatste dag van de herfstvakantie, op 26 oktober 1997, kwam zij tijdens de veldrit van Geldermalsen ongelukkig ten val. De remmen van haar fiets weigerden in een afdaling. Evelien kwam op de rand van een sloot terecht en brak twee ruggenwervels. Drie maanden liep zij in een gipscorset en kon pas halverwege januari weer heel voorzichtig gaan trainen. “Als je dan een half jaar later het Wilhelmus voor je hoort spelen, gaat er heel wat door je heen,” aldus de sportieve doorzetster. Vader Ad Basten kan dat alleen maar beamen: “Dat was het eerste wat bij de huldiging in me opkwam. Die ziekenhuisopname en dan nu al die glorie. Vooral ook de inspanningen van haar trainer Henk Dirkx van Het Snelle Wiel hebben een grote bijdrage geleverd aan het succes.” Dat ook moeder Yvonne bijzonder blij was met de prestatie van haar dochter, moest de fotograaf van Kempenpers ervaren. Haar enthousiaste vreugdesprong werd zo

breed in beeld op de gevoelige plaat vast gelegd dat de finishfoto van dochter

Evelien mislukte.

Al in de tweede ronde op het NK parcours schudde Evelien Basten met negen anderen aan de boom. Er ontstond meteen afscheiding in het rennersveld. Een ronde later konden twee meisjes het tempo van de kopgroep niet meer bijbenen. De acht anderen maakten onderling een spannend kijkspel van de kampioensrace. “Er werd constant gedemarreerd, omdat we elkaar goed kennen.

Zes rensters uit de kopgroep behoren tot de selectiegroep van de bondscoach. Vooral Areke Hassink heb ik verschillende keren terug moeten halen om zelf kans op de nationale titel te blijven maken,” aldus Evelien die zelf ook tot de talentenbak van coach Evert Nanninga gerekend mag worden. “In de laatste klim van anderhalve kilometer drongen ze me de koppositie op. Toch heb ik dat laatste eind alles goed onder controle kunnen houden. Vier honderd meter voor de eindstreep zette ik de sprint in. Toen heb ik nog een tandje bij geschakeld en bleef voorop tot op de streep.” Afke Sijm uit Wognum en Sharon van Essen uit Veenendaal bleven nog het dichtste in haar buurt. Nu rekent de renster uit Hapert er op dat ze haar plaats heeft afgedwongen in de WK-ploeg die in oktober in eigen Nederlands Valkenburg de strijd met de besten van de wereld aan gaat. Niet om daar al meteen tot opvolgster van wereldkampioene Mirella van Melis bestempeld te worden. Daarvoor heeft Hapertse Evelien nog een jaar langer de tijd. Want ook in 1999 mag ze nog met een juniorenlicentie aan de vrouwenwedstrijden meedoen.

1998 HAPERT

Evelien Basten

grijpt nipt naast WK-medaille

 

Evelien Basten in volle actie als tijdrijdster in de Holland Ladies Tour in Bergeijk (Foto

Theo van Sambeek)

 

Het scheelde maar weinig of Evelien Basten was in 1998 behalve tweevoudig nationaal titelhoudster ook nog bezitster van een WK-medaille geworden. De 17-jarige wielrenster liet in Valkenburg weer eens blijken hoe all-round zij is. Na het in 1997 veroverde rood-wit-blauwe kampioenstricot op de baanachtervolging bij de nieuweling-dames en de dit jaar daaraan toegevoegde nationale titels in de individuele wegrace en in het tijdrijden klasseerde de renster uit Hapert zich nu in het tijdrijden bij de vier beste vrouwen-junioren van de wereld. Op vrijdag 9 oktober gaat zij nogmaals in het oranje van start in de individuele wegwedstrijd in Zuid-Limburg.

 

(door Piet Gijsbers)

 

Het vizier van Evelien Basten stond maandenlang gericht op het WK in Zuid-Limburg. Na het

behalen van de nationale wegtitel op een zwaar parcours met een aantal beklimmingen van de Vijlenerberg, een venijnige heuvel in de omgeving van het Drielandenpunt, stond haar uitverkiezing voor de Nederlandse WK-ploeg al vast. Door vervolgens ook nog beslag te leggen op de nationale titel in het tijdrijden werd de keus voor bondscoach Nanninga gemakkelijk gemaakt. Basten werd als enige renster van de oranjeploeg in twee disciplines opgesteld. De tijdrit is een van haar specialiteiten. Alleen rijden is voor de renster uit Hapert een kolfje naar haar hand. Vooral op zware parcoursen voelt zij zich in haar element. De omloop die de juniorenrensters dinsdag over de Bemelerberg te verwerken kregen had ze met de Nederlandse ploeg al herhaaldelijk gereden.

“Gezien mijn gemiddelde op de tijdrit moet ik bij de besten behoren. Het parcours met veel vals plat ligt me wel,” verklaarde ze in de dagen die aan de titelstrijd vooraf gingen. “Ik houd van hard werken op de fiets, van stoempen. In Limburg kan ik me echt uitleven.” Door de Nederlandse

televisie-commentatoren werd ze bij de start al bestempeld als een medaille-kandidate en als een groot talent. Bij Evelien Basten lag vervolgens de taak om, ondanks haar jonge leeftijd, die uitspraken waar te maken. Vanaf het startpodium midden op het Vrijthof in Maastricht zette ze aan voor de ultime race op weg naar Valkenburg. Dertig deelneemsters, vrijwel allen kampioenen van hun land, had ze als tegenstandsters. Maar vooral ook de klok moest ze te lijf gaan. De eerste

bochten kwam Basten op haar speciale tijdritfiets met het brede stuur goed door. De oranje aerodynamische helm kwam uitstekend van pas, want er blies een stevige, koude oktoberwind over de Limburgse wegen.

 

Herkansing

 

Bovenop de Bemelerberg, na 8,4 kilometer zowat halverwege de race het meetpunt voor de

tussentijden, was Basten samen met de voor haar gestarte Canadese Genevieve Jeanson even aanvoerster van het tussenklassement. Maar daar al bleek even later vooral de Duitse Trixi Worrack voor goud te gaan. De tijden, 13.44 om 13.22, brachten dat tot uitdrukking. En toen moest Olga Zabelinskaia, de wereldkampioene van 1998, nog het meetpunt passeren. In een vloeiende stijl leek de Russische favoriete op prolongatie van haar titel af te stevenen. Halverwege moest ook zij echter enkele tellen toegeven op de Duitse Worrack. Uiteindelijk, na 15,2 kilometer alles uit de kast rijden, nam Worrack de wereldtitel over van de frêle Oost-Europese renster die met zes tellen

achterstand op het zilver beslag legde. De strijd om het brons eindigde in een zege voor de Canadese Jeanson op ruim 23 seconden van de winnares. Evelien Basten moest 25 seconden op de nieuwe wereldkampioene prijsgeven. Een verschil van anderhalve seconde met de tijd van brons winnares Jeanson. “Ik heb gewoon alles gegeven wat ik in me had. Op het zware parcours met de Bemelerberg en al dat vals plat kon je geen moment in je ritme komen. De vierde plaats is daarom, zo dichtbij het brons, voor mij zeker geen teleurstelling. Integendeel, het biedt me perspectief voor volgend jaar. Want dan ben ik pas achttien en mag daarom nog een seizoen bij de dames-junioren starten.” Alle gelegenheid dus voor een herkansing van de Hapertse renster.

 

Maar eerst ook nog even afwachten hoe morgen, vrijdag 9 oktober, de individuele wegwedstrijd voor haar afloopt. Ook daarin geeft ze zichzelf een kans om bij de besten te eindigen. “Een plaats bij de eerste tien moet er opnieuw inzitten.”

 

Naschrift:

 

Die laatst genoemde doelstelling maakte Evelien Basten waar. De herhaaldelijk terugkerende Cauberg bleek zowel voor haar als voor de overige rensters van de oranjeploeg toch moeilijker te verteren dan vooraf werd gedacht. Een vijftal buitenlandse rensters nam bij de voorlaatste beklimming een definitieve voorsprong. Een tegenvaller voor Evelien Basten: "Wij dachten dat we

behoorlijk hard tegen de Cauberg op konden rijden. Dat viel tegen. Nu weten we dat we internationale ervaring tekort komen. We hebben gewoon te weinig buitenlandse grote wedstrijden gereden. Die andere meiden zijn gewend om op heuvelachtig terrein te rijden." De Duitse Tina Liebig (18) greep de wegtitel vòòr de Russin Zabelinskaia en Bates uit Australië. Basten deed haar woord gestand door als tiende te finishen. "Volgend jaar ben ik weer een stuk sterker. Ik moet met deze resultaten op mijn eerste WK tevreden zijn."

Foto 1: Twan Castelijns tweede van rechts met enkele ploeggenoten bij de Giro presentatie 2016 in Apeldoorn

Foto 2: Twan Castelijns vlak na de start van een Italiaanse etappe in de eerste Giroweek

Foto 3: Twan Castelijns op kop van het peloton met Steven Kruijswijk in de roze leiderstrui

Foto 4: Twan Castelijns (links) met ploegmaat Jos van Emden

 

2017 Twan Castelijns kijkt terug op de Giro 2016

 

Vrijdag 5 mei begint de Giro d’Italia 2017 op Sardinië. In het team LottoNL-Jumbo maakt Twan Castelijns voor de tweede keer zijn opwachting in die grote etappekoers. Hier een terugblik op zijn debuut in de Giro 2016. Voor Castelijns ging vorig jaar in Apeldoorn een droom in vervulling. “Een jaar eerder zou ik nog gedacht hebben hooguit als toeschouwer bij de Ronde van Italië te staan. Nu rijd ik zelf mee in een peloton van zowat tweehonderd profcoureurs. En dan nog wel in ons eigen Nederland. Wat was het gaaf zeg, die eerste dagen van de Giro.” Vooral op de openingsdag in Apeldoorn was het genieten voor de coureur uit Hapert. "Tijdens het inrijden was het al ontzettend mooi om van alle kanten aangemoedigd te worden. Dit bleek slechts een opwarmertje voor de ‘echte’ rit. Voor mijn gevoel werden de aanmoedigingen nog eens vertienvoudigd. Vooraf was ik erg nerveus en wist ik niet wat ik kon verwachten. Als je dan eenmaal onderweg bent zit je

toch in je eigen tunneltje en hoor je vooral de zee van geluid langs de kant: echt super gaaf om zoveel aangemoedigd te worden!" Lang stond hij op een eervolle plaats in de proloog. Renners van naam en faam liet hij in de korte tijdrit van bijna tien kilometer achter zich. Pas toen de grote kanonnen in de slotfase van de middag van start gingen, moest hij een aantal plaatsen in het klassement toegeven. Maar een plek bij de beste vijftig van de proloog mocht er zijn. “Je benen ontploffen en je voelt je hartslag in je keel. Maar de aanmoedigingen van het publiek en het roepen van je naam drijven je naar ongekende krachten.” Op zaterdag in de etappe van Arnhem naar Nijmegen door de Betuwe eindigde Castelijns in het grote peloton. Een dag later in omgekeerde

richting door de Achterhoek en over de Posbank op de Veluwe kreeg hij het evenals een hele groep anderen door het bijzonder hoge tempo in de finale even moeilijk. Op zowel zaterdag als zondag werd de vroege vlucht op tijd terug gepakt voor de aangekondigde massasprint. "Bij het

ingaan van de laatste ronde (ca 8 km voor de finish) moest ik van voren zitten om Moreno Hofland (onze sprinter) en Steven Kruijswijk (onze klassementsman) in goede positie te brengen voor de hectische finale. Dit verliep goed: Moreno sprintte naar een 4e plaats en Steven verloor geen secondes. Op zondag eenzelfde soort plan, maar helaas heb ik hieraan niet bij kunnen dragen. Ik had niet mijn beste dag van het jaar en toen ik op 15 km voor het einde nog lek reed heb ik niets meer kunnen betekenen voor de ploeg. Moreno sprintte naar plaats 7 en Steven zat ook weer attent van voren. Wat heb ik genoten met al die duizenden mensen aan de kant. Wat is het mooi dat het wielrennen zó leeft in Nederland! Vooraf hadden ze me in de ploeg gezegd dat ik moest proberen te genieten. Nou dat heb ik gedaan.” Het begin van de Giro in Nederland was voor hem en de bijna tweehonderd andere renners een feest. Gedragen op het applaus en de aanmoedigingen van het publiek - 750.000 toeschouwers volgens schattingen - reed de wielerkaravaan drie dagen achtereen door Gelderland.

 

Na de verplaatsing naar Zuid-Italië op maandag vervolgde hij zijn avontuur met de LottoNL-Jumbo formatie. Zijn verwachtingen na het Nederlandse weekend in het verdere verloop van de Giro? “Hopelijk kan ik onze sprinter Moreno Hofland en onze kopman Steven Kruijswijk goed bijstaan.” Aan die verwachtingen voldeed de man uit Hapert. Na een vermoeiende reisdag naar Zuid-Italië stond op dinsdag de allereerste koers ooit op Italiaanse bodem voor Twan Castelijns op het programma. "Het vuurwerk werd voor de finale bewaard. Voor ons als ploeg was het vooral zaak om Steven uit de problemen te houden. Die reed erg sterk en zou op een mooie 3e plaats finishen. Voor mijzelf ging op 15 kilometer van de streep het lichtje langzaam uit en ben ik in een groepje naar de finish gereden. Een etappe zonder grote beklimmingen, maar in de laatste 75

kilometer toch nog ruim 1500 hoogtemeters."

In de etappes die volgden werd Moreno Hofland, de kamergenoot van Twan, in de 233 kilometer lange rit op woensdag naar de 5e plaats in de daguitslag geloodst. Vooral de donderdagrit met finish bergop werd een zware kluif. "Voor de slotklim was het zaak om Steven voorin af te zetten en om vervolgens een mooi groepje op te zoeken om naar de finish te bollen. Dit lukte goed en ik kon

mijn kopbeurt naar behoren uitvoeren." In een groepje gelijkgezinden finishte Castelijns op een kwartier van winnaar Ulissi. "De verwachte massasprint een dag later betekende werk voor mij en dat schuw ik natuurlijk niet!" Enrico Battaglin, de Italiaan in de LottoNL-Jumbo ploeg, sprintte naar een vijfde plaats voordat Toscane in zicht kwam. "Voor het weer hadden we niet perse naar Italië hoeven gaan: dat was in Nederland toch stukken beter… Voor mij echter geen straf, aangezien ik het liever wat kouder heb dan dat drukkende weer. De benen beginnen beter aan te voelen en dat is toch ook wel een beetje fijn met alles wat nog komen gaat!"

 

Genieten van het roze van ploegmaat Steven Kruijswijk

 

Na ruim twee weken leefde de LottoNL-Jumbo ploeg op een roze wolk. Twan Castelijns genoot met zijn teamgenoten van het voortreffelijke presteren van Steven Kruijswijk. Na winst van ploeggenoot Primoz Roglic in de lange individuele tijdrit op de tweede zondag van de Giro was het zaak kopman Steven Kruijswijk dagelijks goed voorin af te zetten in de finale van de etappes. Dat lukte aardig op de dagen na de eerste rustdag. Voor de neo-prof uit Hapert was het vervolgens telkens zorgen op tijd binnen te komen. Ook daarin slaagde hij goed. "Vanaf etappe 13 zou de Giro pas écht gaan beginnen… Klimmen, klimmen en nog eens klimmen. De ene klim iets steiler dan de

andere met het klassement van Steven als hoofddoel, maar ook de tijdslimiet halen is erg belangrijk deze dagen." Tijdens etappe 13 ontplofte het gehele peloton op de eerste klim van de dag. "Ikzelf overleefde de schifting niet, maar kon op de tweede klim van de dag terugkomen in het

peloton. Vervolgens overleven tot de laatste klim, proberen nog iets voor Steven te betekenen en vervolgens op tijd binnen komen. Steven was wederom ontzettend sterk en kwam weer tussen de favorieten binnen." Daarna volgde de koninginnenetappe. Een rit van 210 kilometer met 5500 hoogtemeters op de planning. "Wie verzint nu zoiets?!? De eerste 95 kilometer van de dag zou

ons naar een hoogte van ruim 2100 meter brengen, waarna we vervolgens continue bleven klimmen en dalen. Het grote voordeel van veel klimmen is dat je ook veel mag dalen… Helaas waren de ‘rustmomenten’ behoorlijk schaars in deze etappe." Na ruim een uur kon Castelijns mee glippen met een grote kopgroep van 35 man. Hier werd flink door gereden en moest hij constateren dat het tempo toch net iets te hoog lag op de 2e klim van de dag. De kopgroep werd uit elkaar gereden en hij werd net na de vierde klim van de dag terug gepakt door (wat overbleef van) het peloton. "Nog even proberen te overleven tot de voet van de op een na laatste klim, echt een rotzak! Tien kilometer klimmen met bijna 10 procent is geen pretje kan ik je zeggen. Steven was echter helemaal in zijn element en kon zelfs op de slotklim wegrijden bij de overige favorieten!

Een tweede plaats in de etappe en de roze trui zouden zijn deel worden!!! Echt een geweldige prestatie!" De klimtijdrit volgde met Kruijswijk in de leiderstrui. "Dat was dus voor ons vooral een

kwestie van krachten sparen. We gaan in de slotweek een ontzettend zware, maar ook heel erg mooie week tegemoet! Met ons ploegje gaan we er alles aan doen om Steven bij te staan!! Die bevestigde zijn topniveau door ook nog even 2e te worden in de klimtijdrit en zo nog eens wat extra voorsprong te nemen op zijn concurrenten." Na een welkome tweede rustdag zag Twan Castelijns de laatste Giroweek met vertrouwen tegemoet. "Het gaat nog steeds goed in Italië, de benen voelen nog altijd goed en de roze trui binnen de ploeg geeft natuurlijk vleugels!"

 

Gedemoraliseerd na val maar vol respect voor Steven Kruijswijk

 

Het zag er allemaal zo goed uit voor de LottoNL-Jumbo ploeg. Steven Kruijswijk stevig in het roze met drie minuten voorsprong op zijn naaste tegenstrever Esteban Chaves uit Columbia. Na achttien dagen leek er geen vuiltje aan de lucht voor de gele Nederlandse brigade. Alles leek er op dat Kruijswijk met de eindzege aan de haal kon gaan. In de Dolomieten bergritten stond de coureur uit Nuenen zijn mannetje tegen gevestigde namen als Vincenzo Nibali en Alejandro Valverde met driemaal achtereen een tweede eindpositie in de etappes. Ook op weg naar de Alpen was alles nog rozengeur. Een groep ongevaarlijke klanten voor het eindklassement mocht zijn gang gaan. De LottoNL-Jumbo ploeg hield de koers volledig in handen. Bram Tankink, Jos van Emden, Maarten Tjallingii en Twan Castelijns bepaalden het tempo op kop van het peloton als een vluchtgroep teveel voorsprong dreigde te gaan nemen.

Twan Castelijns wist niet wat hem overkwam. Een jaar eerder nog in de Nederlandse Topcompetitie als eindwinnaar gehuldigd, maar nog maar amper ooit een hoge berg gezien. En nu in de Giro! "Je verwacht niet zo snel al een grote ronde te gaan rijden. Dan mag je in je debuutjaar tussen de profs mee naar Italië! En daar mag je meewerken om Steven in het roze te houden. Zo'n situatie is natuurlijk helemaal geweldig. Wat zou het mooi zijn als we hem met de roze trui naar de finish in Turijn kunnen brengen," was zijn commentaar vier dagen voor het einde. Zelf had hij

zijn inspanningen tijdens de langste etappe (236 km) om het tempo hoog te houden moeten bekopen met een staartplaats in de finale. Maar wat hinderde dat? Leider Kruijswijk legde in die finale van de donderdagrit op een steile klim iedereen zijn wil op. In de vrijdagetappe over het dak van de Giro, de 2700 meter hoge Col d'Agnello, reed de Nuenenaar als een heerser met zijn naaste rivalen tussen de eeuwige sneeuw omhoog. Hij bereikt met concurrenten Chaves en

Nibali de top. Valverde heeft dan al een minuut moeten toegeven. De lange afdaling wordt ingezet. Nog maar nauwelijks op weg naar beneden voltrekt zich het drama Kruijswijk. Hij verkijkt zich op een flauwe bocht, knalt tegen een metershoge sneeuwmuur, vliegt over het stuur van zijn fiets en valt hard op de rand van het asfalt. De roze droom spat uiteen. De achtervolging in zijn eentje, later met een groepje dat hem zelf al het vuile werk op laat knappen heeft geen baat meer. Uiteraard de ploegmakkers die avond in mineur. Maar wat een veerkracht toont de rossige kopman vervolgens. Ondanks stevige blessures aan ribbenkast en linkervoet en een slapeloze nacht toch aan de start van de bergrit met drie stevige cols op zaterdag. Dat levert veel respect op bij zijn ploeggenoten. Ondanks dat het zaterdag niet is gelukt om de podiumplaats te behouden, mag de ploeg toch tevreden terug kijken op de prachtige prestaties in de Giro.

 

Tevreden gevoel

 

Steven Kruijswijk is er, helaas voor wielerminnend Nederland, niet in geslaagd zijn roze Giro leiderstrui naar Turijn te brengen. Niettemin blijft zijn vierde eindpositie een knappe prestatie van de Nuenenaar, daarbij gesteund door zijn teamgenoten van LottoNL-Jumbo. Twan Castelijns, de debutant in de Nederlandse ploeg, was vorig jaar nog amateur en werd nu in Italië voor de leeuwen gegooid. Hij was een van de tempomakers als het er op aan kwam het roze van Kruijswijk zes dagen lang te verdedigen. Helaas werd de kopman van LottoNL-Jumbo door een onbenullige val voor de eindzege uitgeschakeld. Het nam niet weg dat Castelijns aan de eindstreep in Turijn van oor tot oor kon glunderen. “Ik ben blij dat ik de wedstrijd heb uitgereden. Het was wel héél erg afzien. Drie weken koersen hakt er echt in. Iedere dag kwam ik goed binnen en ben nooit echt in de problemen geweest,” liet hij in Turijn weten. “Ja, nu ben ik echt wielrenner. En nadat Steven zich na zijn val zo goed herpakte, kunnen we de ronde alsnog met een goed gevoel afsluiten.”

 

Nu staat Castelijns met acht ploegmakkers aan de vooravond van zijn tweede Giro d’Italia. Steven Kruijswijk gaat een nieuwe poging doen om de roze leiderstrui te bemachtigen, daarbij geholpen door de Italiaan Enrico Battaglin, de Belgen Victor Campenaerts en Jurgen van den Broeck en onze landgenoten Twan Castelijns, Stef Clement, Jos van Emden, Martijn Keizer en Bram Tankink.